CEDAW

Het Verdrag inzake de uitbanning van alle vormen van discriminatie tegen vrouwen (CEDAW)

Het Verdrag inzake de uitbanning van alle vormen van discriminatie tegen vrouwen werd in 1979 aangenomen door de Algemene Vergadering van de Verenigde Naties en is in 1981 van kracht geworden.

Het bevat een preambule en 30 artikels die het begrip discriminatie definiëren en die gericht zijn op het wegwerken ervan in alle aspecten van het openbare en het privéleven van vrouwen.

België heeft het Verdrag in 1985 geratificeerd. In 2004 werd het aanvullend protocol aangenomen waardoor, bij schending van de rechten van vrouwen, privépersonen een klacht kunnen indienen en onderzoeken ter plaatse kunnen worden georganiseerd.

België moet om de vier jaar verslag uitbrengen over de toepassing van het Verdrag voor het CEDAW-Comité, dat uit 23 onafhankelijke experts bestaat.

Het gecombineerde vijfde en zesde verslag werd in mei 2007 overgemaakt. Het bevat een stand van zaken van de maatregelen en acties in België voor de tenuitvoerlegging van het Verdrag gedurende de periode 2002-2006. Dit dubbele verslag werd voorgesteld voor het CEDAW-comité tijdens zijn 42ste zitting in oktober 2008.

Het Instituut speelde een sleutelrol bij de coördinatie van dit verslag en maakte deel uit van de Belgische delegatie bij de voorstelling ervan in Genève.

Het Belgisch verslag, de antwoorden van België op de bijkomende vragen met het oog op de voorstelling van het verslag en de slotbemerkingen van het CEDAW-comité zijn beschikbaar op de site "United Nations - Human Rights"

Het volgende Belgisch verslag wordt verwacht tegen oktober 2012.